Het ontwormen

Geen enkel schaap is vrij van wormen. Sterker nog: er komen bij elk schaap meer dan 10 soorten darmwormen voor, maar overwegend heeft het dier er geen last van en bovendien bouwt het weerstand op. Problemen ontstaan als er in korte tijd veel wormen tot ontwikkeling komen (in het voorjaar / zomer en kort na het aflammeren) en de schapen met het gras de wormlarven innemen. Deze kunnen een maagdarminfectie veroorzaken met soms diarree ten gevolge of dor uitziende dieren. Gezonde dieren hebben geen diarree; heeft een dier wel diarree dan snel behandelen, het achterstel goed schoonwassen en schoonhouden, eventueel de wol bijknippen.

Ontwormingsmiddelen kunnen worden toegediend in de vorm van een pil of vloeistof. Welk ontwormmiddel gebruikt moet worden en de hoeveelheid moet in overleg met de dierenarts bepaald worden.
Met duim en wijsvinger druk je op de zijkanten van de bek ongeveer tussen de snijtanden en de kiezen, waardoor de bek open gaat. Met de vrije hand breng je het ontwormmiddel (de pillenschieter of het pipet van de spuit met ontwormvloeistof) erin, je houdt de bek goed dicht en voelt aan de hals of het schaap een slikbeweging maakt.

Ontwormen gebeurde tot voor kort enkele keren per jaar, bv. binnen drie dagen na het aflammeren, na het scheren, als de ooien met de lammeren de (schone) wei ingingen. Een groot probleem bij het ontwormen is de resistentie tegen de verschillende middelen, d.w.z. dat van de betreffende populatie de meeste sterven, maar enkele overlevenden zich voortplanten en bestand zijn tegen het gebruikte middel. Dat probleem werd ondervangen door dan een ander middel ter gebruiken, maar er komen niet veel nieuwe middelen meer op de markt. Vandaar dat er erg veel aandacht gegeven wordt aan andere methoden om de wormen de baas te blijven: eerst bepalen of en welke wormen bestreden moeten worden, gerichter doseren en het verweiden.(zie ook onder ziekten)
Enkele aandachtspunten:
– Veilig land is land waar drie maanden geen schapen, geiten of runderen hebben gelopen. Daartoe kan het beste het beschikbare land in kleine percelen opgedeeld worden.
– De dieren om de drie weken verweiden naar veilig land beperkt de opname van de besmettelijke larven.
– Gebruik het juiste wormmiddel en doseer naar gewicht.
– Alleen regelmatig mestonderzoek geeft een betrouwbare diagnose

Hieronder de in Ankeveen gehouden presentatie door Judith van Andel over het ontwormen:
Presentatie ouessant Ankeveen 2016