Geboorte en geboorteproblemen

De Ouessant behoort nog tot een natuurlijk ras, dat in principe weinig tot geen toezicht nodig heeft bij het werpen. Hoewel veel fokkers dat wel doen om alles beter onder controle te houden en soms ook vanwege de weersomstandigheden, hoeven de ooien dus ook niet opgehokt te worden maar kunnen gewoon in de wei blijven lopen bij de kudde. Wel kan eventueel bij de ooi lange plukken van de vacht rond de uier weggeknipt worden; het lam kan de uier dan wat gemakkelijker bereiken.
De prettigste tijd voor lammeren om ter wereld te komen is natuurlijk als het weer aangenaam is en er voldoende gras in de wei staat; we hebben het dan zo ongeveer over april. De draagtijd van een ooi is grofweg 4 maand en drie weken of meer precies 20 weken en 4 dagen, wat erop neer komt dat bij dekken na 1 november de lammetjes na 25 maart geboren zullen worden.OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Het werpen

Met dieren die het normale koppelgedrag laten zien, zoals weiden en herkauwen, is niets aan de hand ook al zijn ze erg dik en is de uier flink gezwollen. Tegen de tijd van het aflammeren stopt de voedselopname, maar het herkauwen is daarna nog vaak te zien als teken dat er van stress geen sprake is. Trekt de ooi zich terug op een aparte plaats en stopt ook het herkauwen, dan staat er wat te gebeuren. Vooral onrust (gaan liggen, staan en weer omdraaien, tandenknarsen) en krabben met de voorpoten voordat ze gaat liggen zijn belangrijke tekenen.

7_geboorte_2_(bij_werpen)

Het echte uitdrijven begint met het naar buiten komen van de waterblaas. Bij de Ouessant kan het dan
nog wel twee uur duren voor de werkelijke geboorte plaats vindt. Met de buikpers zet ze de weeën kracht bij en het lam wordt in de geboorteweg gedrukt door de werking van de baarmoeder. De blazen gaan stuk en bij elke buikpers komen meer delen van het lam in zicht, eerst de klauwtjes van de voorpoten, daarna ook het snoetje. Hier stagneert de geboorte eventjes totdat uiteindelijk de ooi met volle kracht het lam door de laatste vernauwing perst. Bij een jonge ooi duurt het duidelijk langer dan bij de meer ervaren dieren, zeker als ze nog niet helemaal is uitgegroeid.

7_geboorte_3_(bij_werpen)

Maak het dier niet onrustig door er te dicht bij te gaan staan of vreemden dichtbij te laten kijken. De ooi wil in alle rust werpen, vandaar ook dat de meeste lammeren ’s nachts/in de vroege uren geboren worden. Wacht rustig en geduldig af, grijp niet te snel in en haal er niet onnodig een verloskundige of dierenarts bij. Meestal gaat alles vanzelf en verloopt de bevalling goed.
Hieronder een kort filmpje:

Na de geboorte

Vaak is dat dus de volgende ochtend, maar mocht U alles op afstand gadegeslagen hebben, kijk dan ook of alles in orde is. Binnen een uur dient het lam te drinken en te kunnen staan. Soms is het nodig om te controleren of de spenen open zijn en het lam dus wel vocht binnen krijgt. Zolang er nog niet gedronken is zijn de spenen ter voorkoming van infecties afgesloten met een propje. Soms zitten die propjes echter zo vast (of zuigt het lam zo zwak) dat ze bij het zogen blijven zitten en het lam dus geen melk binnen krijgt. Door de speen zelf een paar keer “door te trekken” (= vanuit het onderste deel van de uier druk uitoefenen op de speen en die gelijkertijd wat uittrekken tot er melk uitkomt) weet je zeker dat de moeite die het lam doet niet voor niets is.OLYMPUS DIGITAL CAMERA
Het drinken van de eerste melk – biest – is van levensbelang aangezien hierin antistoffen zitten die ervoor zorgen dat het lam minder vatbaar is voor ziekten. Het is handig om wat biest op voorraad in de diepvries te hebben. Melk hiervoor wat biest af, bv. bij een dier met een doodgeboren lam (voor de ooi zelf is dit ook van groot belang: hierdoor trekt de baarmoeder sneller weer samen wordt het algehele herstel bevorderd). Biest moet “au-bain-marie” (biest in flesje – flesje in kokend water zetten tot het lauwwarm is) opgewarmd worden en niet in de magnetron i.v.m. nadelig effect op bepaalde bestanddelen van de biest.

7_geboorte_4

Kijk van welk geslacht het lam is, of alles erop en eraan zit en voorzie het eventueel van een (tijdelijk) merkteken. Sommige fokkers ontsmetten de navel met b.v. jodium; noodzakelijk is het niet. Droog een lam nooit af, het is van groot belang dat de ooi het zelf droog likt. Het likken stimuleert het lam op te staan en op zoek te gaan naar de uier – de ooi is beter in staat het lam te laten drinken en de melk te laten schieten. Noteer tevens het nummer van het moederdier en controleer of de nageboorte gekomen is. Deze komt doorgaans een uur na de bevalling af en ligt dan als een rode sliert ergens in de wei (beter is om deze uit de wei te verwijderen).
Bij een moeilijke bevalling duurt het afkomen van de nageboorte wat langer; vaak is even zacht trekken aan het zichtbare gedeelte al voldoende om na korte tijd toch tos te komen. Is de nageboorte na 6 uur nog niet afgekomen dan is het verstandig de dierenarts te waarschuwen: de kans is aanwezig dat de baarmoeder ontstoken is. De ooi zal koorts krijgen en de melkgift zal minimaal zijn – een slechte start voor het lam.

Een ooi is na het werpen moe en dorstig: lauw water is de beste optie, aangezien koud water het dier sterk afkoelt en de nageboorte moeilijker afkomt.

Even terzijde:
De normale lichaamstemperatuur is rectaal gemeten 38,5 – 40º C
voor een lam is dat 38,5 – 40,5º C
Ademhaling per minuut onder normale temperatuursomstandigheden is 12 – 15
bij een lam 15 – 18
een oud dier 9 – 12 keer per minuut.

Afwijkende ligging bij het aflammeren.

Als een half uur nadat klauwtjes of kop gezien zijn, de geboorte nog niet beëindigd is door de ooi zelf, dan dient er geholpen te worden. Zijn er geen ervaren mensen met bovendien smalle handen aanwezig, bel dan de dierenarts of verloskundige. Bij de besluitvorming dient ook de toestand van het moederschaap mee te wegen; bij een dier dat b.v. abnormaal dik is moet niet lang gewacht worden.

Als maar één pootje te zien is kan de geboorte nog normaal plaatsvinden mits de ooi ruim genoeg is. Het 2e pootje ligt dan langs het lichaam naar achteren. Ervaren verlossers met bovendien smalle handen zijn in staat zo’n pootje te reponeren als de hele vrucht nog teruggedrukt kan worden, maar makkelijk is dit zeker niet. Bovendien bestaat daarbij nog risico op beschadigingen van de geboorteweg door de ingeklemde hand.

Als alleen de kop verschijnt geldt het bovenstaande verhaal ook weer, maar de situatie is weer een stap ongunstiger en er dient sneller hulp gehaald te worden. Intussen kunt u rustig met de vinger rondom voelen of er misschien toch klauwtjes onder het snoetje liggen. Om de geboorte dan wat makkelijker te maken kunnen de klauwtjes één voor één aangetrokken worden, zodat ze vóór de snoet uitsteken. Met wat voorzichtige trekkracht is het lam dan meestal snel geboren.

In die gevallen waarbij je niet verder dan een paar centimeter de geboorteweg in gaat is ontsmetten en glijmiddel niet direct nodig. Gewoon schoon werken is voldoende. Het voorkomen van beschadigingen van de geboorteweg is minstens even belangrijk als desinfectie. In die gevallen is een glijmiddel (verkrijgbaar bij de dierenartsenpraktijk) onontbeerlijk. De juiste ligging is dus: gestrekte voorpootjes met de snuit op de knieën. Het is de meest probleemloze bevalling wanneer eerst de voorpootjes te voorschijn komen, even later gevolgd door het kopje, waarna het geheel eruit ploept.

Bij een “schouder – elleboogligging” zijn de voorbeentjes (of één van de pootjes) niet volledig gestrekt dat niet het geval dan moet de kop een klein stukje terug geduwd en de beentjes gestrekt worden, waarna het lam vlot kan worden geboren.

Bij een lam met een “teruggeslagen kop” liggen de pootjes wel gestrekt, maar het kopje ligt niet op de knieën. Het is teruggeslagen en ligt ter hoogte van de buik.  Dit zie je vaak wanneer het lam al dood is, maar het ontstaat ook nogal eens wanneer men te vroeg aan de voorbeentjes van het lam gaat trekken, terwijl de baarmoeder nog onvoldoende is samengetrokken en het schaap nog niet perst. Soms zijn de voorbeentjes voor een deel uitwendig zichtbaar of bevinden zich in de geboorteweg. De kop moet goed liggen, anders kan het lam niet geboren worden. Het rechtleggen van de kop is niet simpel: er is veel ruimte voor nodig, de romp moet vrij ver terug geduwd kunnen worden in de baarmoeder, waarna de kop voorzichtig onderlangs naar achteren gehaald moet worden. Als kop en hals volledig gestrekt liggen kun je beide voorbeentjes strekken en proberen of het lam door wat trekken te verlossen is. Het mislukt nogal eens omdat de kop steeds weer verkeerd gaat liggen, tevens moet je ook zeer oppassen de baarmoeder niet te beschadigen.

En dit zijn dan nog maar een paar van de vele problemen, die we tegen zouden kunnen komen. In schapenhandboeken kom je een opsomming tegen van allerlei afwijkende liggingen, hoe dit te verhelpen, hulpmiddelen en handgrepen.
Als je zeker weet om welke ligging het gaat kun je in principe de verlossing tot een goed einde brengen. Maar dat is m.i. ook meteen het meest moeilijke punt, want bij onze kleine ooien valt er niet veel te voelen en als je dan al wat zou voelen, zou ik niet weten wat ik nou precies voel. En met mij, denk ik, vele hobbyisten.
Gelukkig verloopt het grootste deel van de geboorten zonder enig probleem. Mocht het te lang gaan duren en je wilt ingrijpen werk dan in ieder geval hygiënisch of roep de hulp in van een dierenarts of dierenverloskundige.

Lam aan de fles

Bij het verstoten van het lam, wanneer de ooi de geboorte niet overleeft heeft en soms bij een tweelinggeboorte moet het lam (bij)gevoerd worden. Hiervoor is er bij de Boerenbond / Welkoop lammerenmelk in poedervorm verkrijgbaar. Op de emmer staat vermeld hoe de melk aan te maken.
Qua hoeveelheid kan voor een Ouessantenlam volstaan worden met ongeveer een derde deel en verdeel die dagelijkse hoeveelheid over 5 à 6 porties. Verwarm de melk op lichaamstemperatuur en gebruik een babydrinkfles met speen. Na zo’n vier weken kunnen het aantal voedingen verminderd worden en de hoeveelheid vergroot, mede op geleide van de ontwikkeling van het lam en de weersomstandigheden (bij erg warm weer moet het meer vocht toegediend krijgen). Met vier maanden is het lam in staat zijn eigen kostje bij elkaar te grazen en kan hij gespeend worden, net als lammeren die bij de ooi gelopen hebben.
In het begin is het handig om het lam apart te zetten, zodat niet iedere keer het dier gevangen hoeft te worden. Maar na enkele dagen heeft het al in de gaten wat er staat te gebeuren bij het zien van de fles en komt al van verre aanrennen. Ook voor de verdere ontwikkeling is het beter als het gewoon in de kudde kan lopen.zwarte ooi met tweelingwitte ooi met 2 zwarte en 1 wit lam